De installatie maakte deel uit van een uitgebreid netwerk van radiopeilstations langs de Europese kust. De informatie die bij deze stations werd verzameld, kon uiteindelijk terechtkomen bij het Oberkommando der Kriegsmarine (OKM) in Berlijn.
Deze plek houdt mij al bezig sinds de zomer van 2009. Toen las ik er voor het eerst over in de archieven. Het was het begin van een zoektocht die mij in de jaren daarna steeds weer nieuwe vragen opleverde. Ik verzamelde documenten, bestudeerde verzetsinformatie en sprak met mensen die mogelijk meer over de luisterpost konden vertellen. Toch bleef het lange tijd een tamelijk mysterieuze plek.

Dat heeft ook te maken met het ontbreken van foto’s waarop de locatie duidelijk herkenbaar is. Veel van wat we over de luisterpost weten, komt uit schriftelijke bronnen, waaronder verzetsinformatie en geallieerde waarnemingsrapporten. Stukje bij beetje is het beeld in de loop der jaren duidelijker geworden. Nog lang niet alle vragen zijn beantwoord, maar inmiddels weten we voldoende om een redelijk beeld te schetsen van deze bijzondere oorlogslocatie. Daarom vind ik het tijd om de resultaten van mijn onderzoek hier bijeen te brengen en het verhaal van de geheime luisterpost van de Kriegsmarine in Maassluis te publiceren.
Oorlog in de ether
Tijdens de Tweede Wereldoorlog speelde radioverkeer een belangrijke rol in de militaire communicatie. Oorlogsschepen, vliegtuigen en militaire commandoposten maakten gebruik van radioverbindingen om berichten uit te wisselen. Wie deze signalen kon onderscheppen, kon mogelijk waardevolle informatie verzamelen over vijandelijke activiteiten en militaire operaties.
De Kriegsmarine beschikte over verschillende diensten die zich bezighielden met het verzamelen en analyseren van inlichtingen uit radioverkeer. Een daarvan was de B-Dienst, voluit de Beobachtungsdienst. Deze dienst hield zich onder meer bezig met het onderscheppen en analyseren van buitenlandse radioverbindingen.
Langs de Europese kust werden luister- en peilstations ingericht om deze werkzaamheden uit te voeren. Daarbij ging het niet alleen om het ontvangen van berichten, maar ook om het bepalen van de richting waaruit radiosignalen afkomstig waren. Door waarnemingen van verschillende stations met elkaar te vergelijken, konden de Duitsers proberen de positie van een zender te achterhalen. Ook Maassluis kreeg zo’n installatie.
Marine-Peil-Nebenstelle Maassluis
Vanaf eind 1941 beschikte Maassluis over een luisterpost van de Kriegsmarine, aangeduid als Marine-Peil-Nebenstelle (MPNS) Maassluis. De post viel onder de Marine-Peil-Hauptstelle (MPHS) Brügge, het hoofdstation in Brugge, België.

Deze hoofdpost maakte deel uit van de Marine-Peil-Abteilung Flandern, een gespecialiseerde eenheid van de Kriegsmarine die rechtstreeks onder het Oberkommando der Kriegsmarine (OKM) in Berlijn viel.
De organisatie bestond uit drie compagnieën. De 1. Kompanie omvatte het personeel van de installatie in Ter Linden bij Brugge, die bekendstond als de Marine-Peil-Hauptstelle Brügge. De 2. Kompanie omvatte het personeel van de verschillende nevenstations langs de kust. Daaronder vielen de posten in Den Helder, Scheveningen, Maassluis en Hoek van Holland, maar ook stations in Middelkerke in België en Boulogne-sur-Mer, Le Touquet, Dieppe en Étretat in Frankrijk. In Brugge was daarnaast een Stabskompanie verantwoordelijk voor onder meer de bewaking en de administratieve ondersteuning.
De Maassluise post was daarmee een kleine schakel in een internationaal netwerk dat zich uitstrekte van Nederland tot aan de Franse kust.
De informatie die bij de luisterposten werd verzameld, moest uiteindelijk de Duitse marineleiding bereiken. Volgens de beschikbare organisatiebeschrijving vertrok tweemaal per dag een koerier vanuit Brugge naar Berlijn om onder meer een kopie van het rapport met de onderschepte radioberichten af te leveren.
Een verborgen installatie aan de rand van de stad
De luisterpost in Maassluis lag langs het tracé van de voormalige stoomtrambaan van de Westlandsche Stoomtramweg-Maatschappij (WSM). De WSM, opgericht in 1881, legde een netwerk van stoomtramlijnen aan om plaatsen in het Westland en Midden-Delfland met elkaar en met de grotere steden te verbinden. Op 15 juli 1912 werd de verbinding tussen Maassluis en de Maaslandse Dam in gebruik genomen. De tram vervoerde niet alleen reizigers, maar ook goederen, waaronder tuinbouwproducten die via Maassluis verder konden worden getransporteerd.
Door de opkomst van de autobus nam het belang van het personenvervoer per tram af. Vanaf 1932 verzorgde de WSM het reizigersvervoer uitsluitend nog per autobus, terwijl het goederenvervoer per tram bleef bestaan. Het baanvak tussen Maassluis en Huis ter Lugt, bij Maasland, werd eind jaren dertig verkocht aan Rijkswaterstaat, dat het tracé wilde gebruiken voor de aanleg van een weg. Het traject werd weinig gebruikt en verloor daarmee zijn functie als trambaan. In 1940 waren de rails bij Maassluis verdwenen en lag er een zandweg richting Maasland. Het voormalige spoortracé zou na de oorlog worden benut voor de aanleg van de huidige Laan 1940-1945.

De locatie van de luisterpost bevond zich ter hoogte van de huidige Vondellaan, bij het Vondelpark, circa honderd meter vóór de kruising met de P.C. Hooftlaan.
Het terrein was omgeven door een hoge aarden wal en prikkeldraadversperringen. Aan de voormalige spoordijk stond een wachtposthuisje. Op het terrein bevond zich een gecamoufleerd gebouwtje met twee schuilplaatsen en voorzieningen voor het bedienings- en bewakingspersoneel.
Hoe de installatie er precies uitzag, blijkt gedeeltelijk uit een geallieerd waarnemingsrapport uit maart 1944. Daarin wordt melding gemaakt van een gebouwtje aan de zogenoemde kunstweg van Maassluis naar Maasland, ongeveer honderd meter ten zuidoosten van een korenmolen.

Het gebouwtje was volgens de waarnemer afgedekt met groen camouflagegaas. Op het dak bevonden zich metalen constructies die konden worden bewogen. De waarnemer beschreef deze als ringen met een diameter van ongeveer 75 centimeter en vermoedde dat het om een peil- of luisterstation voor vliegtuigen ging.
De beschrijving geeft een indruk van de installatie, maar de precieze functie van de beschreven metalen constructies is niet met zekerheid vastgesteld. Ook de oorspronkelijke opstelling van de antennes is op basis van de beschikbare luchtfoto’s moeilijk te reconstrueren.
Duidelijk is wel dat de Duitsers de installatie aan het zicht probeerden te onttrekken en het terrein zorgvuldig hadden afgeschermd.
Dag en nacht luisteren
De Maassluise post werd bemand door Kriegsmarine personeel. De werkzaamheden bestonden uit het onderscheppen en registreren van radiosignalen en het peilen van de richting waaruit deze afkomstig waren.
Het doel was om informatie te verzamelen uit radioverkeer dat van militair belang kon zijn. Door de gegevens te combineren met waarnemingen van andere luisterposten probeerde de Duitse marine meer inzicht te krijgen in de herkomst van signalen en de activiteiten van de geallieerden.
Welke berichten in Maassluis precies werden opgevangen en welke concrete resultaten de post opleverde, is vooralsnog niet bekend. Ook is niet duidelijk welke specifieke geallieerde eenheden of verbindingen vanuit Maassluis werden gevolgd.
Wel maakt de organisatie van de luisterpost duidelijk dat de verzamelde informatie niet uitsluitend voor lokaal gebruik bestemd was. De waarnemingen maakten deel uit van een groter systeem waarin gegevens werden verzameld, verwerkt en doorgegeven aan de Duitse marineleiding.
Meer dan alleen de Kriegsmarine
Hoewel de luisterpost officieel onder de Kriegsmarine viel, is ook de aanwezigheid van medewerkers van de Sicherheitsdienst (SD) en de Grüne Polizei op de locatie waargenomen.
Wat deze diensten precies op het terrein deden, is niet duidelijk. Zonder aanvullende documentatie valt niet vast te stellen of zij betrokken waren bij de bewaking, het toezicht op de installatie of andere werkzaamheden.
Hun aanwezigheid is niettemin een opmerkelijk detail. De luisterpost was een afgeschermde militaire voorziening in het bezette Maassluis, waar niet alleen gespecialiseerde apparatuur en personeel aanwezig waren, maar waar kennelijk ook andere Duitse diensten over de vloer kwamen.

Een verdwenen oorlogslocatie
Na de bevrijding verloor de luisterpost haar functie. De gebouwen verdwenen en het terrein veranderde in de loop der jaren door de naoorlogse ontwikkeling van Maassluis.
Tegenwoordig herinnert ter plaatse vrijwel niets meer aan de installatie die hier tijdens de bezetting stond. Ook op luchtfoto’s uit de oorlogsjaren is het complex niet eenvoudig te herkennen. Daardoor blijft de reconstructie van de oorspronkelijke inrichting gedeeltelijk afhankelijk van schriftelijke beschrijvingen.
Toch vertelt de geschiedenis van de MPNS Maassluis een interessant verhaal over een minder bekende kant van de Duitse bezetting. Terwijl de oorlog zich voor een groot deel op zee en in de lucht afspeelde, probeerden de Kriegsmarine aan de rand van Maassluis informatie uit de ether te verzamelen.
De luisterpost vormde een kleine schakel in een netwerk dat zich uitstrekte langs de Noordzeekust en via Brugge in verbinding stond met het Oberkommando der Kriegsmarine in Berlijn.
Een verdwenen oorlogslocatie, waar de strijd niet werd uitgevochten met kanonnen of luchtafweergeschut, maar met radioapparatuur, antennes en het onderscheppen van berichten.